Tgp2 3.png

The Good Part

Lang heb ik niet geweten wat ik met mijn leven wilde doen. Ik had wel een idee, maar nooit een concreet doel. Toen ik dat eindelijk vond,

is mijn hele leven daar om gaan draaien. Ik ben dat ook wel ‘the good part’ gaan noemen: wanneer ik mijn doel heb behaald, ben ik in the

good part van mijn leven. Dat betekent alleen niet dat mijn leven tot die tijd slecht is en dat ik er niet van kan genieten. Mijn doel is

simpelweg hetgeen wat ik in mijn leven wil bereiken; ook wel het ‘hogere doel’. Dat maakt het the good part. Maar voordat ik daar ben,

gaat er eerst een hele lange weg aan vooraf.

Tgp4.png
Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp6.png

Al op jonge leeftijd had ik de drang een good part te behalen; ik wist alleen niet wat dat kon zijn. Het enige wat ik wel wist, was dat ik ‘iets met

tekenen’ wilde doen. Ook dat was dus iets super vaags. Dat bleef ook zo, zelfs toen het einde van mijn middelbare schoolcarrière naderde.

Ik was niet wijzer geworden dan 'iets met tekenen', maar ik moest wel snel gaan beslissen hoe ik mijn studie wilde vervolgen. Ik besloot

daarom naar een open dag van de kunstacademie te gaan. Daar hoopte ik het 'iets met tekenen' te kunnen concretiseren - en wie weet zelfs the good part.

 

De open dag viel echter behoorlijk tegen; veel studies spraken mij niet aan. Er was één studie die ik op het oog had, maar na een voorlichting bleek ook dat totaal niet bij mij aan te sluiten. Ietwat verloren liep ik toen het lokaal uit. Op datzelfde moment zag ik dat in het lokaal tegenover mij, er net een presentatie over de illustratiestudie ging beginnen. Ik had geen idee wat illustratie inhield, maar aangezien ik toen écht niet wist wat ik wilde doen, ging ik naar binnen. 

Bij binnenkomst viel mijn oog meteen op het presentatie scherm. Als sfeerbeeld voor de studie, werd op het scherm een kleurrijke illustratie van een student getoond. Ik kan mij niet goed meer herinneren hoe de illustratie eruit zag, maar één ding herinner ik mij heel goed: nog geen woord van de presentatie had ik gehoord, maar toen ik dat beeld zag wist ik het - dít is wat ik wil doen.

Tgp2 5.png

Wat er vervolgens tijdens de presentatie werd verteld, volgde ik niet meer, maar dat interesseerde mij ook niet echt. De illustratie op het scherm had mij al overtuigd. In dat ene beeld werd een heel verhaal verteld. Dat was dus niet 'zomaar tekenen', maar daadwerkelijk 'iets

doen met tekenen'. Ik was daar dus heel enthousiast over. Het was precies wat ik wilde doen, maar nog niet wist dat ik dat wilde doen.

Niet alleen als studiekeuze, maar ook als good part. Toen ik daar op de open dag het illustreren ontdekte, viel namelijk alles op zijn plek.

Dít was het grote doel dat ik in mijn leven wilde bereiken. Mijn good part was dus gevonden. Dat betekende dat de langverwachte weg daarnaartoe ook eindelijk kon beginnen!

Ik hoefde niet lang na te denken over wat de eerste stap op deze weg werd. Ik was nog naar andere open dagen geweest, maar geen enkele kunstacademie sprak mij zo erg aan als de eerste. Ik wilde dus per se naar de illustratiestudie op deze school. Ik moest daarvoor alleen wel

de toelating halen door onder andere mijn eerder gemaakte werk te laten beoordelen.

Dat was nog best wel een ding; ik had namelijk een klein probleem. Ik vond tekenen wel leuk, maar vaak had ik geen idee wat ik wilde

tekenen. Het gevolg was dat ik het helemaal niet deed. Ik had dus een redelijk klein portfolio, waardoor mijn kans om te worden toegelaten ook kleiner leek. Toch was ik ervan overtuigd dat ik die studie moest gaan volgen. Het zou me dan ook lukken om daar te komen!

 

Met die instelling ging ik naar de toelating. Iedereen kreeg daar twee opdrachten: een stilleven natekenen en een gedicht illustreren.

Terwijl iedereen daarmee bezig was, werd er ondertussen steeds iemand apart gehaald voor het portfolio gesprek. Dat was het onderdeel

waar ik mij flink zorgen over maakte. Ik had daar alleen geen tijd voor toen ik eenmaal aan de beurt was: meteen werd er door docenten

en studenten druk naar mijn werk gekeken, en werden er ondertussen vragen gesteld.

Voordat ik het wist was mijn gesprek voorbij; zo verliep ook de rest van de dag. De uitslag liet alleen nog wel op zich wachten, die zou later

per brief komen. In tegenstelling tot de toelatingsdag zelf, ging het wachten daarop helemaal niet snel voorbij. Weken duurde het voordat ik eindelijk de verlossende brief kreeg: ik was niet toegelaten.

Tgp2 6.png

De afwijzing was een enorme tegenslag. Zowel voor mij persoonlijk, als voor mijn weg naar the good part - die was meteen gestrand.

Toch wilde ik niet zomaar opgeven. Ik besloot daarom een tussenjaar te nemen om het opnieuw te kunnen proberen. In dat jaar volgde ik op de zaterdag een vooropleiding om te werken aan mijn portfolio. De rest van de week werkte ik in een winkel om zo bezig te blijven.

Die winkel representeerde echter alles wat ik niet wilde doen. Ik deed werk waar ik geen toekomstperspectief had, werkte met super vervelende klanten - en dat allemaal in een ongeïnspireerde omgeving van tl licht, afgezonderd van de buitenwereld.

Ik haatte het. Het voelde alsof ik mijn tijd investeerde in een doodlopende weg, in plaats van de weg naar the good part. Al mijn gevoel zei daarom dat ik moest stoppen - ik kon het alleen niet. Hoe erg ik het ook haatte, ik wist zo sterk dat ik deze weg moest blijven volgen.

Dat was niet gebaseerd op gevoelens, maar op God.

 

Op de open dag wist ik in een split second dat ik die specifieke studie, op die specifieke school moest gaan volgen. Nog nooit eerder had ik dat zó sterk ervaren. Daarbij was het een ‘super toevallig’ moment dat makkelijk anders had kunnen verlopen. Dat kon alleen maar van God zijn - en dat zag ik ook terug in de momenten daarop. Steeds wanneer ik op het moment kwam dat ik dacht dat ik het écht niet meer aankon, gaf Hij mij de motivatie en kracht om er toch weer tegenaan te gaan.

Ik wist dus dat het van God kwam en ik moest blijven volhouden. Dat was tevens de reden waarom ik de gok durfde te wagen een tussenjaar te nemen. Het was namelijk best een ding om ineens te stoppen met school in de hoop het jaar daarop mijn droom te kunnen volgen.
Niet geheel onlogisch kreeg ik in het begin protest van mijn ouders. Maar ondanks wat zij én mijn gevoel zeiden,
zei God dat ik ervoor moest gaan. Dat kon ik simpelweg niet negeren.

 

Desondanks was het geen ‘simpele weg’. God gaf mij kracht om ervoor te gaan, maar dat betekende niet dat het ineens easy peasy was.

Ik moest nog steeds dat jaar zien vol te houden, en zoals ik schreef was het best een gok om een tussenjaar te nemen. Het was niet eens zeker of ik na dat jaar mijn weg naar the good part kon vervolgen.
Ik wist dat ik een jaar lang niet zou zijn waar ik wilde zijn, maar ik wist niet
of het na dat jaar wel kon. Wat nou als ik de toelating weer niet zou halen? Had ik dan een jaar verspild? En hoe zou ik dat verantwoorden naar mijn ouders? Toch was dit de enige weg om maar een beetje richting the good part te komen. Ik kon niet anders dan doorgaan. Dus dat deed ik, gesterkt door God.

Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp6.png

Een halfjaar later kon ik weer toelating doen. Er hing veel van dit moment af - in de eerste instantie omdat ik hier een jaar op had gewacht, maar nog meer omdat het de enige kunstacademie was waar ik mij had ingeschreven. Het was de enige academie waar ik naartoe wilde, dus was er voor mij geen andere optie. Ik had ook geen back up plan; ik had echt al mijn pijlen op deze toelating gericht.

Met dezelfde overtuiging van vorig jaar, en iets meer spanning, ging ik weer op pad. Dit keer verliep de toelating iets anders: de dag was anders ingedeeld en we kregen andere opdrachten. Ook werd de uitslag aan het einde van de dag bekend gemaakt, in plaats van per post. Gelukkig was de inhoud daarvan ook anders. Na twee uur in spanning te hebben gewacht, kwam het nieuws: ik was toegelaten.

 

Ik was zó opgelucht dat ik het niet verkeerd had gezien het tussenjaar te volgen en mij maar voor één school in te schrijven. Het tussenjaar voelde dan wel als een omweg, uiteindelijk had het mij wel gebracht naar mijn beoogde weg. Dat betekende dus ook dat ik kon stoppen

met werken! Tenminste, na nog vijf maanden wachten; dan zou de studie pas beginnen. In de tussentijd moest ik dus nog blijven werken.

Die maanden gingen gelukkig een stuk sneller voorbij. Ik wist toen écht dat ik weer op weg was naar mijn good part.

Tgp2 5.png

Na de vijf maanden was ik helemaal in mijn nopjes dat ik aan het echte werk kon beginnen. Helaas was dat van korte duur. Van tevoren

had ik namelijk bedacht dat dit het moment zou zijn waarop the good part zou aanbreken. Ik was dan immers écht bezig met mijn droom.

Dat werkte alleen niet zo. Ik was inderdaad bezig met mijn droom, dat betekende niet dat ik er al was. Dat werd ook pijnlijk duidelijk tijdens de studie; die was namelijk behoorlijk pittig. Het was dus niet ineens alleen maar leuk en makkelijk vanaf dat moment. In fact, ik was net zo hard - eigenlijk zelfs harder - aan het ploeteren dan in mijn tussenjaar.

 

Ik zag in dat ik nog lang niet bij mijn doel was; the good part zou dus nog niet snel komen. Ik ben toen het afstuderen als mijlpaal daarvoor

gaan beschouwen. Wanneer ik dat zou hebben bereikt, zou ik mij hebben ontwikkeld tot illustrator. Dan zou ik eindelijk écht mijn droom leven. Misschien raad je het al, maar ook dat was niet zo. Als afgestudeerde kon ik mezelf wel officieel illustrator noemen, maar ik had nog geen opdrachten. Ik wilde natuurlijk illustrator zijn om daarvan te kunnen leven - dat ging helaas nog niet. The good part liet dus nog steeds op zich wachten.

Tgp2 7.png

Fastforward naar een jaar later: ik was een jaar afgestudeerd, maar nog steeds was er geen good part te bekennen. Dat was voor mij een

big deal. Inmiddels had ik door het tussenjaar én vierjarige studie, vijf jaar besteed aan het worden van een goede illustrator. Daar kwam nog eens het jaar na het afstuderen bovenop. Dat stond geheel in het teken van mijn portfolio opbouwen, potentiële opdrachtgevers benaderen en mezelf online zichtbaar maken. Allemaal dingen om te proberen aan de slag te komen - dat voelde dus enorm dubbel. Het voelde namelijk net zoals mijn tussenjaar: ik was weer aan het proberen ergens te komen, alleen was ik nu vijf jaar verder.

 

Naast dat dubbele gevoel, had ik überhaupt niet gerekend op nog een jaar te struggelen naar the good part. Ik had gedacht dat na het afstuderen er 'niks meer in de weg zou staan'. Ik had dan namelijk alles gedaan wat ik kon om illustrator te worden: worden toegelaten,

de studie volgen én afstuderen. Ik dacht dus dat wanneer ik dat had afgerond, the good part zou komen. Of althans, dat het snel zou komen.

Dat gebeurde echter niet. Een jaar lang wierp ik mezelf in de illustratiewereld, maar dat leverde niet de opdrachten op waarvan ik droomde. Af en toe wel iets kleins, maar niet iets waarvan ik het illustratorleven kon leiden.

Tgp3.png
Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp5_.png
Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp6.png
Tgp6.png

So, what’s next? Wat kan ik dan doen om bij mijn good part te komen na ruim een jaar te hebben geprobeerd?

Om eerlijk te zijn heb ik geen antwoord op deze vraag. Op dit moment ben ik nog steeds niet bij mijn good part aangekomen. Ik weet het

dus niet. Maar om nog eerlijker te zijn, geloof ik ook niet dat er ‘iets’ is dat je kan doen om bij the good part te komen. In ieder geval niet iets concreets. Het ding is: na het afstuderen komt het gewoon neer op gezien worden. Wanneer je dat hebt, beginnen de opdrachten te rollen - en de enige manier om dat te bereiken is zichtbaar zijn én blijven in de illustratiewereld. Dat is dus best iets vaags dat op meerdere manieren kan, en niet alles resulteert meteen daarin.

 

Na die zes jaar werken, voelde het best gek te realiseren dat ik niet 'iets' kon doen om bij mijn good part te komen. Al die zes jaar had ik namelijk steeds het gevoel van wel. Ik werkte naar iets toe - als dat lukte, ging ik meteen naar het volgende punt. Nu was die garantie er helemaal niet meer. Het lag dus niet meer in mijn handen, het was geheel aan God.

In principe was dat niks nieuws voor mij. Vanaf het begin van mijn weg naar the good part, wist ik al dat ik afhankelijk was van God. Ik wist immers dat Hij mij op deze weg leidde. Ik vond dat altijd een troostende gedachte: wat er ook in mijn leven gebeurt, het ligt in Zijn handen. Maar hoe troostend die gedachte altijd was, de laatste tijd voelt dat niet meer zo. In plaats daarvan vraag ik mij af waarom het zo lang duurt voordat ik bij mijn doel kom. God wilde toch dat ik deze weg ging volgen, waarom ben ik er dan nog niet? Was het dan misschien niet zo? Heb ik mij dan toch ingebeeld dat ik voor het illustreren moest gaan??

Tgp2 2.png

Afgelopen weken hebben deze vragen veel in mijn hoofd rondgedwaald. Ik raak steeds verder verwijderd van het punt dat ik ben afgestudeerd, maar het lijkt alsof ik amper voorruit kom. Ik wist zó sterk dat God mij zou brengen naar mijn doel, maar naarmate de tijd verstreek, is het steeds minder zo gaan voelen.

Terwijl ik daar zo over nadacht, realiseerde ik ineens dat daar het daadwerkelijke probleem ligt. Het is een patroon dat ook te zien was in mijn tussenjaar: ik wilde toen stoppen omdat mijn gevoel zei dat ik nergens kwam. De laatste tijd zie ik het ook niet meer zo zitten, omdat het voelt dat ik nergens kom. Voor mijn gevoel had ik er allang moeten zijn. Maar is dat wel zo?

 

Toen ik ging afstuderen wist ik dat het tijd zou kosten om aan de bak te komen - iedere afgestudeerde illustrator vertelde dat. Ik was mij

daar dus volledig van bewust. Ondanks het weten, voel ik mij bijna twee jaar later gedemotiveerd. Steeds zegt mijn gevoel dat ik er allang had moeten zijn - dat klopte alleen niet.
Ik had de kennis om te weten dat mijn gevoel het tegenovergestelde van de waarheid vertelde. Toch liet ik mij behoorlijk in mijn gevoel meeslepen, omdat het als waarheid voelde. Maar de waarheid voelen en de waarheid zijn, zijn twee hele verschillende dingen. 

Ik zag in dat mijn probleem niet lag in ‘er nog niet zijn’. De realiteit is dat het gewoon tijd kost om aan de bak te komen in mijn vakgebied.

Dat is eigenlijk ook helemaal niet erg; het betekent niet dat ik tot die tijd niet van het leven kan genieten. Het betekende alleen wel dat ik

de gedachte van ‘er nog niet zijn’ moest loslaten.
Ik was steeds zo gefocust op mijn doel, dat elke dag mij er ook aan herinnerde dat ik er nog niet was. Die gedachte zette een open deur

voor mijn gevoelens. Ik werd dan snel overspoeld met negatieve gevoelens - dát was het daadwerkelijke probleem. Als ik die gevoelens voorkwam, ervoer ik niet de enorme demotivatie van er nog niet zijn. Dan kon ik zelfs genieten van mijn leven zoals het was, maar ook de motivatie ervaren om aan beter te werken.

 

Toen ik dit eenmaal doorhad, kon ik al mijn gedachten loslaten. Ook al ging het niet zoals ik wilde, ik wist dat het goed zou komen. En dat is hoe het er momenteel nog steeds voor staat: mijn good part is nog niet bereikt. Ik kan dus helaas niet vertellen hoe ik daar ben gekomen zodat je daar een voorbeeld aan kan nemen. Maar, misschien is het juist belangrijker om te vertellen over deze fase van er nog niet zijn.

Hoe je ondanks dat, moet én kan volhouden.

Ik vind mijn kracht nog altijd in God. Af en toe gaat dat iets rommelig, omdat ik mij dan laat meeslepen door mijn gevoelens. Maar wanneer ik dat realiseer, kan ik ook weer inzien dat God Degene is die mij leidt en niet mijn gevoelens. Dit is gewoon het punt waar God wil dat ik nu ben. Ik heb daar dus vrede mee. Ik ben dan wel nog niet waar ik wil zijn, maar ik ben wel onderweg. Dat is iedere dag weer verder dan ik ooit eerder ben geweest - en wie weet ben ik wel dichterbij dan ik denk.

Telescope.jpg

Deze tekst is geïnspireerd op het nummer The good part van AJR. Met name toen ik net was afgestudeerd heb ik hier veel naar geluisterd. Drie jaar nadat het nummer uit kwam, heeft de band er een officiële muziekvideo van geüpload. Dat was december vorig jaar; het moment dat zij hun good part hebben behaald.