O3.png

Ongevraagd Ondernemerschap

Nog nooit, nog voor geen seconde, had ik mijzelf voorgesteld als een ondernemer. Niks in mij ambieerde dat. Sterker nog, ik wilde het

heel graag níét. Ik zei altijd tegen mezelf: wat ik ook ga doen, ik ga nooit als ondernemer aan de slag. Well, isn’t it funny how life turns out?

Sinds vorig jaar sta ik ingeschreven als ondernemer. Niet omdat ik van gedachten ben veranderd; ik wil nog steeds geen ondernemer zijn. Het ondernemerschap kwam alleen als een soort package deal.

 

Veel creatieve beroepen vragen om ondernemerschap. Zo ook voor het illustratorschap - mijn droombaan. Na jaren het ondernemerschap te hebben ontlopen, was ik dus niet meteen enthousiast toen ik daarachter kwam. Was deze droombaan de ondernemersstress wel waard? En zo ja, hoe zou ik dat in vredesnaam doen?
Het was een lastig dilemma. Ik worstelde er veel mee, en ik weet dat ik niet de enige ben. Het was altijd een aanwezig discussiepunt op

de kunstacademie. Sommigen lieten zich erdoor tegenhouden. Super jammer als ik soms zag wat een talent daardoor werd weggeschoven.

Al helemaal nu ik zelf ruim een jaar ondernemer ben en kan zeggen dat - ondanks mijn aversie - het mij redelijk afgaat.

 

Ik realiseerde dat het ondernemen er vooral angstaanjagender uitzag dan het was. Ik besloot toen dit stuk te schrijven over mijn ondernemerservaringen om dat te laten zien. Ik ben dan nog geen ervaringsdeskundige, maar ik kan wel goed vertellen over de beginfase van ondernemen en hoe dat kan worden getackeld. Zo vertel ik over mijn weg naar het ondernemen, hoe ik over mijn aversie kwam, over de leuke kanten - ja, die zijn er echt - en enkele tips en trics. Oftewel, voor ieder die nieuwsgierig is hoe het ondernemen kan worden aangepakt: this one is for you. Hopelijk geeft dat de motivatie om het ondernemerschap in ieder geval te overwegen :).

O2.png

De discussie over het ondernemen - ook wel freelancen genoemd - was er al vanaf het begin van de studie. Voor het illustratievak is het

erg gebruikelijk om als freelancer aan de slag te gaan - al helemaal voor hoe ik het vak wilde uitoefenen.

Ik wilde werken aan allerlei verschillende soorten opdrachten: redactioneel, kinderboeken, advertising, en nog meer. Ook wilde ik dit in mijn eigen 'stijl' doen, voor variërende bedrijven. Veel illustratoren naar wie ik opkijk, beoefenen zo hun vak. Dat wilde ik dus ook. Maar, vertelden zij, dat doe je door zelf opdrachten te werven. Oftewel, er kwam een flinke portie ondernemerschap bij kijken.

Naast de mensen uit het vakgebied, benoemden de docenten vaak dat we waarschijnlijk moesten gaan ondernemen als illustrator.

We kregen er alleen geen les in. Het was dus al best een ding dat we überhaupt moesten gaan ondernemen, maar nog meer speelde de vraag hoe we dat moesten gaan doen als we er helemaal geen weet van hadden.

Het gevolg was dat de discussie hierover alleen maar opliep. De opleiding besloot toen om doormiddel van een lezing hier aandacht aan

te geven. In een middag zou kort worden belicht wat er allemaal kwam kijken bij de zakelijke kant van ondernemen. Zo hoopten ze meer duidelijkheid te geven over het onderwerp en dat de rust weer snel zou terugkeren.

 

Ik weet nog goed dat de lezing maximaal anderhalf uur duurde, maar dat dat genoeg was om nog veel meer onrust te veroorzaken. Het enige wat ik dacht na de lezing was: ‘nee, ik ga wel in loondienst werken.’ Ingewikkelde termen, de drukkende angst van belastingen en de vele uitzonderingen die daar weer bij kwamen kijken. Nee, voor mij was dat veel te ingewikkeld - en ik was niet de enige. Na de lezing keek ik naar de klasgenoot naast mij die precies dezelfde overweldigde gezichtsuitdrukking had.

Roll_.png

Het kleine beetje hoop dat ik het ondernemen misschien toch zou aankunnen, was na die lezing geheel verdwenen. Dat was best wel een ding, want langzamerhand had ik wel bedacht om te gaan freelancen. Ik zou dan veel vrijer en variërend kunnen werken, maar ik wist niet meer of dat opwoog tegen de nadelen.

Ik moest dus opnieuw gaan afwegen wat ik wilde. Wat ik in ieder geval wel zeker wist, was dat ik nog steeds wilde illustreren als beroep.

De vraag was alleen of ik dat ging doen als freelancer: mijn droombaan, maar inclusief verantwoordelijkheid en onzekerheid. Óf met

minder genoegen nemen door in loondienst te gaan, maar zonder ingewikkelde verplichtingen.

 

Ik neigde heel erg naar het laatste. Vooral toen ik net uit de lezing was gekomen. Het leek mij wel oké om met minder genoegen te nemen als dat veel hoofdpijn en stress bespaarde. In de weken daarna veranderde ik echter van mening. Ik realiseerde dat ik met mijn studiekeuze eigenlijk al had gekozen voor een moeilijk beroep: creatieve beroepen hebben over het algemeen niet veel baangarantie. Ondanks dat,

had ik ervoor gekozen omdat het mijn droombaan was.

Kiezen voor loondienst om zo moeilijke uitdagingen te ontlopen, voelde dus als het opgeven van mijn droom. Ik was al zo ver, dan zou ik niet ineens moeten settelen. Daarbij leek in loondienst gaan wel een veilige optie, maar hoefde dat niet zo te zijn. Ik zou daar net zo goed kunnen worden ontslagen, bijvoorbeeld. Dan kon ik mij maar beter meteen bezighouden met mijn beroep zoals ik dat echt wilde.

 

Tegen al mijn vroegere voornemens in, besloot ik volledig voor het freelanceleven te kiezen. Dat betekende alleen niet dat ik ook ineens

over mijn ondernemers-aversie heen was. Ik keek er nog steeds enorm tegenop. Vooral omdat ik bij een ondernemer dacht aan een assertief en sociaal sterk persoon: iemand die graag op de voorgrond stond om te vertellen wat hij of zij deed.

Ik was niet die persoon. Ik voelde niet de behoefte om op de voorgrond te staan. Het voelde daarom alsof ik tegen mijn persoonlijkheid in ging, als ik de rol van ondernemer ging dragen. Daar had ik geen behoefte aan; op de lange termijn zou ik dat niet volhouden. 

 

Veel tijd om mij daar mee bezig te houden had ik alleen niet; ik was druk bezig met de studie zelf. Het einde van het studiejaar naderde

en dat betekende dat al mijn werk moest worden beoordeeld. Ook kwamen er weer enkele alumni langs om te vertellen over het post-afstuderen. Net zoals de alumni van vorig jaar, waren zij het freelanceleven ingedoken. Dit keer viel mij alleen iets op: allen hadden sterk verschillende persoonlijkheden. Persoonlijkheden die niet meteen overeenkwamen met mijn idee van een succesvolle ondernemer. Desondanks waren ze het wel.

 

Ik zag toen in dat niet ik, maar mijn idee van een ondernemer moest veranderen. Ik moest het simpelweg op een manier doen die bij mij paste! Nu klinkt dat best wel logisch, maar tot die tijd dacht ik niet dat het echt mogelijk was. Zij waren het bewijs van wel.

Daarbij realiseerde ik iets cruciaals: als God mij de talenten had gegeven om te kunnen illustreren, dan zou Hij mij ook de talenten geven

om te kunnen ondernemen. Híj zou mij erdoorheen leiden. Dat was uiteindelijk hetgeen dat mij over de streep trok. Ik had nog steeds

geen enkel idee hoe ik het ondernemen zou aanpakken, maar ik stond er niet alleen voor.

O4.png

Met de gedachte dat God met mij was, begon mijn zelfvertrouwen vanzelf te groeien. Ik besloot er gewoon voor te gaan, en gaandeweg kwam ook het vertrouwen dat ik het kon. Dat hielp mij enorm met het zetten van de eerste stappen na de studie. Ik was mij er namelijk heel erg van bewust dat ik geen ‘gestudeerde’ ondernemer was. Desondanks durfde ik, dankzij het vertrouwen, wel steeds dingen te proberen.
Dat kwam ook door mij te verdiepen in de ervaringen van andere ondernemers in het vakgebied. Via het lezen van online artikelen of door gewoon te vragen naar andermans ervaringen. Die verhalen lieten mij inzien dat ook zij maar wat probeerden en gaandeweg leerden. Dat is naar mijn idee meteen de kern van ondernemen: proberen en dan maar uitvogelen wat werkt en wat niet. Al helemaal voor ondernemers in de creatieve sector.

 

In de beginperiode na mijn afstuderen heb ik namelijk geprobeerd mij in te lezen over het ondernemen. Ik heb mij daar maar een korte tijd mee bezig gehouden, omdat het mij opviel dat veel ondernemerstips en technieken niet echt toepasbaar zijn op de creatieve sector.

Met name het onderdeel marktonderzoek waar je bepaalt hoe groot jouw markt is en aan de hand daarvan een strategie opzet.

Ik kwam erachter dat dit ingewikkelder ligt voor een creatieve dienst dan voor een praktisch product. Heel simplistisch gezegd is voor een praktisch product veel doelgerichter te bepalen hoe groot de markt is. Een product voor brillen bijvoorbeeld, is simpelweg iedereen die een bril draagt. Voor een creatieve dienst ligt dat een stuk genuanceerder.

 

Ik realiseerde dat het dus helemaal niet erg is om als creatieve ondernemer geen gestudeerde ondernemer te zijn. Voor deze sector ligt het toch anders. Maar, dat betekent niet dat het zakelijk onderdeel geheel nutteloos is. Zakelijk naar jouw werk kijken dwingt wel om een paar ‘kernwaarden’ te bepalen. Waarom jij werk maakt, voor wie en waarom dat mensen zou aanspreken, bijvoorbeeld. Wanneer je dat weet, kan je doelgericht kijken hoe en waar jij jouw werk kan presenteren. In principe valt dit onder marktonderzoek, maar is het niet heel uitvoerig. Eerder het basisprincipe van ondernemen.

 

Organisaties als Cultuur+Ondernemen geven hier onder andere tips over. Zoals de naam zegt, zijn zij specifiek gefocust op ondernemen

in de cultuursector. Zij delen dus bruikbare tips en ervaringen over ondernemen in de creatieve sector. Zo halen zij onder andere het ‘businessmodel canvas’ aan. Dit is een model waarin je bepaalde gegevens invult waardoor je een overzicht krijgt van jouw verdienmodel.

De kernwaarden die ik net kort benoemde, komen daar onder andere in terug. Zo ben je wel zakelijk bezig, maar is het niet te overweldigend.

Ik moet daar wel bij zeggen dat toen ik eenmaal het businessmodel canvas had ingevuld, ik er niet veel meer naar heb gekeken. Op het moment zelf was het goed om puntsgewijs naar mijn bedrijf te kijken, maar verder kon ik er niet echt veel mee. Zoals ik eerder aankaartte, heb ik het idee dat creatieve diensten niet geheel in zo’n stramien passen. Het was dus goed dat het mij dwong zakelijk naar mijn werk te kijken, maar voor mij bleef het daar bij.

 

Ik kreeg overigens begeleiding om onder andere dit model te trotseren tijdens het startersprogramma van de kunstacademie. Iedere ArtEZ alumni kan ik van harte aanraden deze workshop te volgen. In tegenstelling tot de lezing van enkele jaren eerder, introduceert dit programma je echt op een lowkey manier met het ondernemerschap.

Ik raad het dus zeer aan, zelfs als je nog niet helemaal weet wat je met jouw werk wilt - misschien dan juist. Het programma is heel behapbaar. Er worden een paar basics meegegeven die het zakelijk denken stimuleren. Dat helpt heel goed met het concretiseren van jouw bedrijf. Het is dan superfijn dat dit kan aan de hand van begeleiding.

O5.png

Verder komt ondernemen vooral neer op veel netwerken - hetgeen dat ik het verschrikkelijkst vind. Zoals ik eerder schreef, heb ik geen behoefte om op mensen af te stappen. Helaas hoort dat er soms wel bij. Gelukkig zijn er laagdrempelige manieren om dat te doen:

een atelierbezoek bijvoorbeeld. De focus ligt dan niet op jezelf moeten verkopen, maar dat je elkaar en elkaars werk leert kennen. Zo kan

je heel organisch contacten leggen.

De kans is alleen wel een stuk kleiner dat je uit zo’n ontmoeting werk krijgt. Het zijn dan vaak collega’s die je ontmoet, niet opdrachtgevers. Maar goed, zelfs dan weet je niet wat ervan kan komen. Ik heb wel eens een opdracht gekregen omdat ik was getipt door een collega.

En soms is het gewoon fijn om enkel gelijkgestemde te vinden.

 

Naast atelierbezoeken, is er uiteraard social media. Dat is de ‘veiligste’ manier om iemand te benaderen, aangezien je niet iemand direct aanspreekt. Dat is ook meteen het nadeel: het is veel moeilijker mensen te bereiken. Ik ben daarom geen fan van social media; voor mij levert het niet veel op. Alleen als ik er heel veel tijd en energie in stop, maar dat is niet hoe ik mijn tijd wil verdelen. Ik houd social media daarom voor nu lowkey zodat het vooral leuk blijft.

In plaats daarvan focus ik mij op mijn website. Ik zorg ervoor dat die actueel blijft en daar interessante content is zoals deze tips en trics :).

Zo kan ik mensen naar mijn werk trekken zonder te moeten concurreren met anderen. Daarbij is het voordeel van een website dat ik

makkelijk een link naar mijn werk kan sturen naar potentiële opdrachtgevers. Win-win-win!

Als laatste kan je jezelf voor de leeuwen gooien door naar een netwerkborrel te gaan of direct op mensen af te stappen. Eng, maar wel het directst. Je weet dan meteen of iemand jouw werk ziet zitten of niet. En nog belangrijker: als mensen jou persoonlijk hebben gezien, zijn ze vaak geneigder jou te vragen voor een opdracht. Ze hebben dan een gezicht bij de persoon en kunnen dan al aftasten of jij professioneel overkomt of niet. Het kost dus enige moed, maar dan heb je wel de meeste kans.

Ondanks dat netwerken belangrijk is, moet ik daar ook wel bij zeggen dat het zeker niet het einde is als je er geen kei in bent. Ik heb wel eens gedacht dat ik weinig opdrachten zou krijgen omdat ik niet graag op mensen afstap. Gelukkig heb ik geleerd dat opdrachtgevers wel komen als je kwalitatief werk maakt én goed met hen communiceert. Iemand kan namelijk wel vlot contacten maken, als je persoonlijkheid niet leuk is of je werk niet goed, gaan mensen alsnog niet met je samenwerken. Het is dus niet nodig om heel veel zorgen te maken over het netwerken. Zorg ervoor dat je goed communiceert, aardig en professioneel bent - en het allerbelangrijkste: goed werk levert. 

O6.png
Roll_2.png

Verder is geld vragen een belangrijk, maar vaak struggle punt bij ondernemen - zo ook bij mij. Ik heb wel eens gehad dat ik achteraf bedacht dat ik meer had moeten vragen. Voornamelijk omdat het werk voor meerdere doeleinden werd gebruikt en daar gewoon een hogere prijs tegenover moet staan.

Een tip die ik kan geven om dat enigszins te voorkomen: vraag altijd meer dan je in eerste instantie wilt. Vaak kom je dan pas bij een redelijke prijs en anders is de opdrachtgever vrij om te onderhandelen. Ik weet dat dit vooral in het begin moeilijk kan zijn. Om eerlijk te zijn heb ik in het begin opdrachten moeten aannemen die niet het beste betaalde, maar ik simpelweg ergens moest beginnen. Belangrijk is om dan goed te onderscheiden welke opdrachten goede kansen zijn en welke alleen maar verspilde energie. En nog belangrijker: doe dit niet te lang.

De bedoeling is dat je groeit zodat je niet voor een habbekrats hoeft te blijven werken. 

Mijn voornemen is om na elke opdracht meer te vragen dan de vorige. Ik heb dan weer meer ervaring waardoor ik voor mezelf kan onderbouwen meer te vragen. Dat onderbouwen is heel belangrijk. Als je goed kan communiceren waarom jouw werk meer geld verdient, goede kwaliteit etc, kan je een opdrachtgever daar makkelijker in meekrijgen. Het is meer dan normaal om goed geld te krijgen voor goed werk. Opdrachtgevers krijgen tenslotte ook netjes voor hun werk betaald, zo hoort het ook bij anderen. Of je het krijgt, is een ander ding - maar het is erg belangrijk om er in ieder geval voor te staan. Zo geef je meteen aan dat jij een professional bent en dat maakt jouw werk weer aantrekkelijker.

Momenteel ben ik op een punt gekomen dat opdrachten meer beginnen te rollen. Het is onzeker of dat zo blijft, maar ik heb mijn vertrouwen in God. Dat kan misschien heel makkelijk klinken, maar dat is zeker niet het geval. Ondernemen blijft namelijk ‘giswerk’, of op een positievere noot: ‘kanswerk’. Ik gooi constant lijntjes uit om kansen te creëren en houd mijn ogen open voor kansen die zich aanbieden. De vraag is dan of daar iets uitkomt en zo ja, wanneer. Uiteraard kunnen die kansen worden vergroot door doelgericht lijntjes uit te gooien - daar komt marktonderzoek van pas. Maar helaas is er zelfs dan geen garantie dat er iets uitkomt. Ik heb vaak genoeg gehad dat het best wel een tijdje duurde voordat er weer een opdracht komt. Vertrouwen op God is dan ineens een stuk moeilijker. Maar hoe moeilijk het soms leek, God heeft altijd ervoor gezorgd dat ik niks tekortkwam.

 

Helaas zal de onzekerheid altijd een ding blijven bij het ondernemerschap. Zelfs wanneer iemand al jarenlang een succesvolle ondernemer is. Maar net zoals toen ik moest kiezen tussen loondienst en freelancen, bedenk ik maar dat loondienst net zo goed onzeker kan zijn.

En ondanks alle onzekerheden, heeft afgelopen tijd mij wel geleerd dat zeker niet onmogelijk is.

Voor nu komt het ondernemen voor mij kort gezegd neer op zichtbaar zijn en blijven, kansen zoeken, en blijven proberen. Met die instelling ben ik al behoorlijk ver gekomen. Niet zonder kleerscheuren, maar dat zou haast onmogelijk zijn. Op die momenten is het echt essentieel om te blijven proberen. Uiteindelijk bepaalt dat of iemand de eindstreep haalt, of niet.

At the end of the day is ondernemen ook heel leuk. Ik leer onderweg veel nieuwe mensen kennen en ik kan mij geheel bezighouden met
het illustreren zoals ik dat wil. Een van de dingen dat ik het leukste vind aan het ondernemen, is het zoeken naar kansen. Voor mij voelt dat als hardop dromen. Zo droom ik ervan om te werken met HEMA, een verpakking te illustreren, internationaal te werken - en nog veel meer.

Voor die dromen probeer ik ingangen te vinden. Dat gebeurt heel indirect. Ik heb het in gedachte en wanneer ik een mogelijke kans zie, ga ik erop af. Soms werkt het - heel vaak niet. Dat is oké, het blijft een beetje een spelletje. Het enige gevaar is dat je niet te veel moet focussen op ‘het nog niet er zijn’. Dat is mijn grootste valkuil. Op die momenten denk ik dan: ik ben er inderdaad nog niet, maar dat is een motivatie om te blijven werken om daar wel te komen.

 

Tot slot nog een allerlaatste en belangrijke tip: deel jouw dromen vooral! Al mijn bovengenoemde dromen deel ik graag met anderen.

Je weet nooit of iemand je verder kan helpen. Ik heb wel eens gehad dat iemand mij doorverwees naar iemand waarvan ik dacht dat het niks zou worden, maar er daardoor toch iets op mijn pad kwam. Daar kan ik God alleen voor danken. Ondernemen is heel onzeker, maar daarvoor voelt het extra rewarding als er wel iets uitkomt. 

Kortom: ondernemen is dus niet makkelijk, maar het is te doen. Zelfs voor iemand die niet meteen in het ondernemersplaatje past, zoals ik. Zolang je bereid bent kansen te zoeken en daarop af te gaan, ben je al goed op weg. En een gezonde doses zelfvertrouwen brengt je ver.

Mijn ondernemersweg begon dan wel ongevraagd, maar nu zou ik het zeker niet anders willen. Ik kijk er zelfs naar uit wat de aankomende jaren gaat brengen. Ondernemen heeft namelijk vooral tijd nodig en langzamerhand begin ik daar eindelijk de vruchten van te zien.

Het vergt dus wel enige moed, maar het opent ook veel mogelijkheden. So go for it!